Wim Noordhoek - De gabardine regenjas (2018)



Portret van een jeugd



Een mozaÔek-foto is een postergrote foto die opgebouwd is uit honderden, soms duizenden andere foto's. Dankzij een ingenieus algoritme geeft de combinatie van al die foto's een portret of scene weer.
Dat zoiets ook in tekst mogelijk is bewijst Wim Noordhoek in zijn De gabardine regenjas.
Noordhoek is vooral bekend geworden als VPRO-radiomaker, maar was in zijn studietijd redacteur van Propria Cures, heeft een aantal boektitels op zijn naam en vult nog dagelijks het Avondlog (ooit van de VPRO, nu zijn particuliere project) met mooie bespiegelende teksten over - voornamelijk - kunst. Hij kan dus schrijven.
De gabardine regenjas is een bundel van 21 stukjes met herinneringen aan zijn jeugd in Zutphen, Eerbeek en Den Haag, tezamen nog geen 80 pagina's. Ze staan vol kleine, foto-filmische observaties over de mensen en de dingen die voorbijgegaan zijn in het nu 75-jarige bestaan van de schrijver.

Over zijn vroegste jeugd in dodenstad Zutphen:

'Ik nader mijn eerste stappen buiten de huisdeur. Leer de sluiting van het tuinhekje. Hoe het met een druk op het palletje opengaat.
De straat breidt zich uit, van de trottoirtegels waar ik met een baksteenscherf lijnen op trek tot de verre straathoeken aan weerszijden. De dichtstbijzijnde hoek is lange tijd het eind van de wereld.(...) Steeds moet ik onthouden waar ik woon. Mijn huis kunnen terugvinden voor als ik zou verdwalen. De straat en het huisnummer zijn het eerste wat me wordt ingeprent. Straten zeggen waar je bent.'


Dan de vele verhuizingen, omdat zijn vader (leraar) het nooit lang ergens uithield.

'Aan Zutphense, Eerbeekse en Haagse waslijnen hangen ze, mijn onderbroeken. Te kijk voor iedereen. Verhuiskisten staan in de sneeuw. Er wordt verhuisd. Alweer. In drie verschillende lagere scholen moet ik mijn jas terugvinden in rijen kapstokhaakjes. (...) Ook de weg naar school verandert steeds. Andere hoeken komen in zicht, dichtbij, ver weg.'

De treurigste herinneringen hebben te maken met de vader, die een vreemde voor hem is als hij terugkeert uit militaire dienst in Nederlands-IndiŽ. De kleine Wim, geboren in 1943, is dan bijna vijf en vader gedraagt zich als een bezetter.

'Mijn vader staat laat op en draagt geen uniform meer. Hij is nu 'in burger'. Mijn moeder zegt dat hij erg moe is. Ik mag hem niet storen. Hij eet alleen, terwijl zij op en neer loopt, ik krijg een bordje in de keuken.
Dan word ik naar binnen geloodst. Hij vraagt hoe het op school gaat. Ik kijk naar de vloer.
"Heb je je tong verloren?"
Ik weet ook na aandringen niet wat te zeggen.
"Dat kind is ziekelijk verlegen." '

Weemoed om wat was en niet meer is moet de drijvende kracht geweest zijn achter het opschrijven van deze kleine herinneringen die samen het portret vormen van Noordhoek's jeugd. Maar ook de wetenschap dat hij zelf in een laat stadium van vergankelijkheid is en al enkele keren opgenomen is geweest in een ziekenhuis, zal een rol gespeeld hebben.

'Verdwijnen onder narcose is een ondoorgrondelijk geschenk. Een er niet zijn dat geen slaap is, maar een er nooit geweest zijn. Zonder herinnering.'

Een prachtig boekje, in eigen beheer uitgegeven en voor € 15 alleen te bestellen door een mailtje te sturen naar yolnus@xs4all.nl


(Deze recensie verscheen eerder in de krant Argus, 24 juli 2018)





Terug